fbpx
Leestijd: 2 minuten

Vanaf 1 december 2019 moeten alle handelszaken cash geldbedragen afronden tot 5 eurocent. Op die manier moeten de 1 en 2 eurocenten stilaan verdwijnen. De munten blijven te vaak in een spaarpot zitten waardoor er een schaarste heerst. Daarom moeten er voortdurend nieuwe bijgemaakt worden, terwijl deze hoge productiekosten met zich meebrengen.

  1. Wie moet afronden?
  2. Hoe moet je afronden?
  3. Gaan klanten niet vrezen voor prijsstijgingen?
  4. Aan welke regels moet een onderneming zich houden?
  5. De afrondingsregels
  6. Wat met de boekhouding?
  7. Wat als je werkt met Optios?

1. Wie moet afronden?

Iedereen die op een duurzame wijze een economisch doel nastreeft.

2. Hoe moet je afronden?

Het totaalbedrag van alle aankopen die de klant met cash wil betalen moet afgerond worden. Dit wanneer de betaling gebeurt in jouw zaak, dus in fysieke aanwezigheid van zowel de consument als de handelaar en het te betalen bedrag groter is dan 5 eurocent. Afronden is dus niet toegelaten in geval van verkoop op afstand (zoals via internet) en tussen particulieren of ondernemingen.

3. Gaan klanten niet vrezen voor prijsstijgingen?

Neen, want de afronding gebeurt enkel op het totaalbedrag. Dus is het niet de bedoeling dat alle afzonderlijke artikelen ook afgerond worden. De ene keer wordt de prijs naar boven afgerond en de andere keer naar onder, wat wil zeggen dat de prijzen elkaar in evenwicht houden.

4. Aan welke regels moet een onderneming zich houden?

  1. Wens je enkel de betalingen in cash af te ronden? Dan wordt de afronding enkel op het gedeelte in cash afgerond. Ook wanneer de betaling gedeeltelijk a.d.h.v een andere betalingswijze gebeurt.
  2. Wens je de afronding ook toe te passen op andere betalingswijzen dan cash? Dan wordt de afronding gemaakt op het totaalbedrag (Ook wanneer de betaling deels in cash en een andere betaalmethode gebeurt.) Zorg er wel voor dat je in dit geval duidelijk zichtbaar de volgende wettekst ophangt in het salon “Het totaalbedrag wordt altijd afgerond (PDF, 524.6 KB)“.
  3. Op het kassaticket geef je zowel duidelijk het totaalbedrag als het oorspronkelijk bedrag voor afronding weer.

    5. De afrondingsregels

    Eindigt het te betalen totaalbedrag op ,01 € of ,02 €? Dan moet je afronden naar het lagere ,00 €. 

    👉🏼 Bijvoorbeeld: 13,91€ wordt 13,90€.

    Eindigt het te betalen totaalbedrag op ,03 € of ,04 €? Dan moet je afronden naar het hogere ,05 €. 

    👉🏼 Bijvoorbeeld: 13,94€ wordt 13,95€.

    Eindigt het te betalen totaalbedrag op ,06 € of ,07 €? Dan moet je afronden naar het lagere ,05 €. 

    👉🏼Bijvoorbeeld: 13,97€ wordt 13,95€.

    Eindigt het te betalen totaalbedrag op ,08 € of ,09 €? Dan moet je afronden naar het hogere ,00 €. 

    👉🏼Bijvoorbeeld: 13,98€ wordt 14,00 €.

    6. Wat met de boekhouding?

    De btw moet berekend worden op het oorspronkelijk bedrag, niet op het afgeronde bedrag. Dit wil zeggen dat er op boekhoudkundig vlak weinig zal veranderen. Wat niet wil zeggen dat je niets moet aanpassen. Je kassa zal hier wel op afgestemd moeten worden want op het kasticket moet zowel het oorspronkelijke bedrag als het afgeronde bedrag weergegeven worden. Hiervoor moet je je kassa dus aanpassen.

    7. Wat als je werkt met Optios?

    De kassa is nog steeds te gebruiken zoals eerder. Indien mensen met cash betalen kan je het bedrag dat Optios (totaal) weergeeft, zelf afronden. Op het kassaticket schrijf je dan zelf het oorspronkelijke bedrag neer (voor het afgerond werd).

    Opgelet: er kunnen verschillen optreden tussen de kassa controle en de boekhouding.